De winter is bij uitstek een geschikte tijd om de fruitbomen te snoeien. Met fruitbomen bedoelen we dan de appel- en perenbomen. Ander fruit, zoals steenvruchten (pruim, kers en dergelijke) moeten al eerder (direct na de oogst) gesnoeid worden. Dit om de kans op loodglans te verkleinen. De appel- en perenbomen zijn in rust en de bladeren zijn gevallen waardoor het silhouet van de boom goed zichtbaar is. Dit maakt het snoeien een stuk eenvoudiger, want nu is goed zichtbaar wat wel en wat niet gesnoeid moet gaan worden. Snoeien in de winter is geen enkel probleem.

Niet snoeien bij vorst

De belangrijkste regel bij snoei in de winter is dat tijdens een vorstperiode nooit gesnoeid mag worden! Wordt vorst opgegeven, wacht dan ook liever even tot de vorstperiode weer achter de rug is. Eigenlijk zijn de beste maandenappelboom-2 om te snoeien februari en maart. Door deze vrij late snoei is de kans op besmetting van de snijwonden vrij klein. In april komt de groei alweer opgang en dan zal de snijwond weer snel afgedekt worden.

Voorkom kleerhaken

Eén van de belangrijkste regels bij snoeien is dat een tak altijd tot aan de basis weggesnoeid moet worden. Met de basis bedoelen we het punt waarop de te snoeien tak zich afsplitst van de hoofdstam of de gesteltak. Snoeit u niet vergenoeg terug, dan ontstaan de zogenaamd kleerhaken. Naast dat dit geen fraai gezicht is, bestaat ook de kans dat de stomp belaagd wordt door roodrot. Als het restant van de tak nog veel slapende knoppen bevat, zullen deze snel uitlopen en ontstaan veel kleine zijtakken. Door de tak volledig weg te snoeien voorkomt u dit allemaal.

Uitdunnen van de boom

Het is belangrijk om de kroon van de boom enigszins open te houden, zodat er voldoende licht in kan vallen. Licht in de kroon is goed voor de vruchtzetting en bevordert de groei van grote vruchtknoppen. Snoei elkaar kruisende takken altijd weg. Deze takken beschadigen elkaar, omdat ze bij wind langs elkaar heen schuren. Ook naar binnen groeiende takken (takken die vanaf een naar buiten groeiende hoofdtak naar binnen groeien) moeten worden verwijderd. Als dit vruchtdragende takken zijn, kan men overwegen om ze te laten zitten.

perenboom-1Snoeien van zware takken

Als grot zware takken verwijderd moeten worden, dan is het verstandig om deze eerst tot ongeveer 20 cm van de stam terug te snoeien. Vervolgens kan dan nog het laatste stukje tot aan de hoofdstam weggezaagd worden. Door op deze wijze te snoeien, wordt voorkomen dat een zware tak, halverwege het zagen, zelf verder afbreekt. Op die manier kan een lelijke snoeiwond ontstaan, die ook nog doorloopt naar de stam. Door de tak in twee stappen aan te pakken is de kans op deze schade verkeken en blijft een mooie gladde snoeiwond achter.

Kortloten en langloten

Vruchtbomen vormen kortloten en langloten. De kortloten zijn de vruchtdragende takken. Laat deze tijdens het snoeien dan ook met rust. Heeft een boom echter erg veel kortloten, dan mogen er ook een aantal weggesnoeid worden. U zou namelijk wel veel vruchten krijgen, maar door de hoeveelheid groeien ze onvoldoende door en is er in het najaar een oogst van kleine appels en peren. Langloten maken geen vruchtknoppen aan, alleen bladknoppen.

Gereedschap

Kleine takken en de zogenaamde waterloten (eenjarige recht omhoog groeiende takken) kunnen vaak met een goede snoeischaar worden weggesnoeid. Voor de dikkere takken is het beste om te werken met een speciale boomzaag.

Bovenstaande is een algemene weergave van de belangrijkste snoeiregels. Op papier klinkt het allemaal vrij eenvoudig. Maar staat u in de tuin, met de snoeischaar gereed, voor uw eigen boom, dan is het vaak moeilijk om te bepalen wat wel en wat niet gesnoeid kan worden. Het belangrijkste is om gewoon te durven. Er kan namelijk niet snel iets fout gaan.




0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *